Slaaponderzoek (Polygrafie)

Slaaponderzoek (Polygrafie)

Een slaaponderzoek (polygrafie) is de standaardtest voor de diagnose van het obstructieve slaapapneu syndroom (OSAS). Ook is dit een goede manier om de oorzaak van je snurken te achterhalen. Het onderzoek wordt meestal gedurende de nacht en in een ziekenhuis of thuis uitgevoerd.

Tijdens dit onderzoek wordt o.a. de ademhaling, het zuurstofgehalte van het bloed, het snurken en de slaaphouding waarin je slaapt geregistreerd en gemeten.

Met een slaaponderzoek kan de ernst en frequentie van de slaapapneu worden vastgesteld en wordt er gekeken of er nog andere slaapaandoeningen aanwezig zijn. Meestal is een slaaponderzoek gedurende één nacht voldoende om tot een sluitende diagnose te komen. Maar het komt ook voor dat er meerdere slaap-sessies nodig zijn.

Wanneer een slaaponderzoek?

Om in aanmerking te komen voor een slaaponderzoek dient je huisarts of behandelend specialist je te verwijzen. De klachten waarbij een verwijzing plaats kan vinden zijn:

  • Snurken
  • Nachtelijke adempauzes (apneu)
  • Vermoeidheid
  • Hoofdpijn
  • Concentratieproblemen
  • Overdag in slaap vallen

Wat houdt een slaaponderzoek in?

Een onderzoek vind meestal plaats in een ziekenhuis, maar soms kan dit ook thuis. Een slaaponderzoek registreert gedurende 1 nacht je slaap. Deze registratie probeert een antwoord te vinden op de volgende vragen:

  • In welke houding je slaapt
  • Stopt de ademhaling tijdens het slapen en hoe vaak
  • Gaat de hartslag sneller of langzamer
  • Daalt het zuurstofgehalte in het bloed
  • Snurk je

Mogelijke uitkomsten

Aan de hand van de slaapregistratie bepaald een specialist of en welke behandeling nodig is. Mogelijke behandelingen zijn:

  • Het voorschrijven van een CPAP dat tijdens het slapen de luchtwegen openhoudt.
  • Het aanmeten/aanschaffen van een anti snurkbeugel (MRA) tegen het snurken.
  • eventueel een operatie aan het zachte gehemelte om het snurken te verminderen(UPPP / ZPP).
  • Er is meer onderzoek nodig. Er is een slaapendoscopie nodig. De arts gaat de neus, keelholte, keelamandelen, het zachte gehemelte, de tong, het strotklepje en de stembanden verder onderzoeken.
  • Een aanpassing van je levenswijze (bijv. drankgebruik, gewicht, medicijnen) (Leefregels).

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *